Spring naar content

Principeverzoek ruimtelijke ontwikkeling

Past uw (bouw)plan niet in het bestemmingsplan en bestaat er geen mogelijkheid om af te wijken van het bestemmingsplan binnen de kaders van het gemeentelijk afwijkingenbeleid dan kunt een principeverzoek ruimtelijke ontwikkeling indienen voor het wijzigen van het bestemmingsplan.

In een principeverzoek geeft u duidelijk aan wat uw plan is. Geef de locatie duidelijk aan op een kaart en voeg bij voorkeur tekeningen toe van nieuwe gebouwen en een inrichtingsschets van het terrein.

Helaas kampt de gemeente met een achterstand bij de behandeling van principeverzoeken ruimtelijke ontwikkeling. Deze achterstand is ontstaan door het grote aantal verzoeken dat wij ontvangen in combinatie met een capaciteitsgebrek. Daarbij wordt de gemeente extra belast in verband met de invoering van de Omgevingswet die onder meer de huidige Wet ruimtelijke ordening gaat vervangen.

Wij behandelen verzoeken op volgorde van binnenkomst.

Meer informatie

Uw principeverzoek wordt integraal beoordeeld in de gemeentelijke regiekamer. Daarbij wordt gekeken naar:

  • het gemeentelijk en provinciaal beleid
  • landschap en natuur
  • milieu
  • duurzaamheid
  • verkeersveiligheid
  • wonen
  • ruimtelijke kwaliteit
  • archeologie

Voor het principeverzoek ruimtelijke ontwikkeling worden leges geheven. In 2022 bedragen de leges € 400,- tot € 1400,-, afhankelijk van de ingewikkeldheid en omvang van het verzoek. De volgende verdeling geldt:

  • Zeer klein initiatief € 400,-
  • Klein initiatief € 800,-
  • Middelgroot initiatief € 1000,-
  • Groot initiatief € 1200,-
  • Zeer groot initiatief € 1400,-

Voordat u een principeverzoek indient is het gewenst dat u een afspraak maakt met de procesregisseur regiekamer van de gemeente.

Wordt uw plan positief beoordeeld dan kunt u een aanvraag doen om het bestemmingsplan te wijzigen. Ook hier zijn leges aan verbonden.

Een alternatief voor een bestemmingsplanwijzing is het aanvragen van een Omgevingsvergunning waarbij een uitgebreide procedure wordt doorlopen. Deze procedure is vergelijkbaar met die van een bestemmingsplanwijziging. Ook bij deze procedure is het raadzaam eerst een principeverzoek in te dienen.

Voor het indienen van een principeverzoek dient u het aanvraagformulier in te vullen en met bijlagen naar de gemeente te sturen.

Na een positief besluit over uw principeverzoek kunt u een aanvraag doen voor het wijzigen van het bestemmingsplan. U dient een stedenbouwkundig bureau opdracht te geven om het bestemmingsplan te laten opstellen. Hierbij dient het bureau uit te gaan van het handboek ruimtelijke plannen van de gemeente. U kunt de meeste recente versie van het handboek opvragen bij een medewerker ruimtelijke ordening van de gemeente.

Tevens kan het nodig zijn dat er onderzoeken moeten worden uitgevoerd. Hierbij moet u denken aan een bodemonderzoek, archeologisch onderzoek etc.

De gemeente maakt eerst het ontwerpbestemmingsplan bekend dat iedereen 6 weken lang kan bekijken op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Dit wordt vooraf bekendgemaakt in het Gemeenteblad en De Staatscourant.

Iedereen kan een reactie of zienswijze geven over het ontwerpplan binnen zes weken na bekendmaking. De gemeente kan daarna het plan nog aanpassen.

De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan uiteindelijk vast. Nu kunt u beroep indienen als u belanghebbende bent. Doe dit binnen 6 weken nadat het vastgestelde plan is bekendgemaakt. Uw beroep dient u in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Veel principeverzoeken hebben betrekking op woningbouw. Hier zijn twee beleidskaders van belang: de Omgevingsvisie en het Woningprogramma 2020-2030.

Hieronder schetsen wij op hoofdlijnen de belangrijkste voorwaarden waaraan een woningbouwplan moet voldoen.

De gemeente wil dat nieuwe woningen betaalbaar zijn. Daarom heeft het college gezegd dat in alle plannen de volgende verdeling aangehouden moet worden.

  • Ten minste 40% sociale huurwoning, die bij voorkeur door een woningcorporatie verhuurd gaan worden en;
  • Ten minste 40% goedkope koopwoningen, dat zijn woningen tot circa € 350.000 von.

In sommige gevallen, zoals bij de bouw van één of enkele woningen, is het lastig aan bovenstaande voorwaarden te voldoen. U moet dan aangeven waarom u hier niet aan kunt voldoen. Soms is maatwerk mogelijk, waarbij de realisatie van betaalbare woningen het doel is.

Bij woningbouwplannen maken we een onderscheid tussen inbreiding en uitbreiding. Inbreiding vindt plaats binnen de bestaande bebouwde kom. Voor inbreiding zijn geen specifieke locaties aangewezen. Bij inbreiding beoordeelt de gemeente of de bebouwing stedenbouwkundig inpasbaar is.

Uitbreiding is alleen mogelijk op de locaties die in de Omgevingsvisie aangewezen zijn als mogelijke uitbreidingsrichting. Omgevingsvisie Gemeente Buren (ruimtelijkeplannen.nl)

Op andere locaties is woningbouw niet mogelijk, behalve als het gaat om een stoppend agrarisch bedrijf of een nieuw landgoed van minimaal 10 hectare.

Woningbouwplannen worden beoordeeld op de volgende aspecten.

  • Komt de locatie voor woningbouw in aanmerking.
  • Heeft het plan voldoende sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen.
  • Is sprake van een bijzondere woonvorm, bijvoorbeeld gezamenlijke voorzieningen
  • Omvat het plan voldoende openbaar groen en water.
  • Wordt rekening gehouden met klimaatverandering.
  • Wordt er voldoende duurzaam gebouwd.

Bij een verzoek om een nieuw zorginitiatief, wil de gemeente Buren graag weten hoe dat initiatief er (in grote lijnen) uit ziet. Hieronder vindt u een aantal vragen die de gemeente naar aanleiding van een zorginitiatief graag beantwoord ziet. Bij de behandeling van een verzoek is het uiteraard altijd mogelijk dat er aanvullende vragen gesteld worden of dat er verduidelijking gevraagd wordt op (een van) de gegeven antwoorden.

Over het plan:

  • Wat heeft u precies voor ogen, voor welke leeftijds- en doelgroep? Bijvoorbeeld: PG, somatiek of andere vormen van zorg.
  • Heeft u voor uw initiatief ook andere verzoeken ingediend in de regio, bij andere gemeenten of andere partijen?
  • Wat is de herkomst van de beoogde zorggebruikers / bewoners?

Over de locatie:

  • Wat is de beoogde locatie en waarom is dat de meest geschikte locatie voor het initiatief?
  • Gaat het om nieuwbouw of een bestaande locatie of een combinatie daarvan?
  • Is er sprake van een open of gesloten karakter van de voorziening? Hoe wordt er om gegaan met beeldvorming en verwachtingen?

Over de levensvatbaarheid:

  • Is er samen / in overleg met de zittende zorgaanbieders gekeken naar het initiatief? Kunnen locaties / functies naast elkaar bestaan (levensvatbaar?). Bijvoorbeeld door samenwerking: versterking of juist aanvulling van bestaande functies?
  • Is het initiatief onderscheidend ten opzichte van reeds bestaande initiatieven / aanbieders? Zo ja, waarin?
  • Is er behoefte aan? We zien graag een goede onderbouwing van de behoefte aan de
    voorziening?

Over de zorg:

  • Aan welke zorgvormen denkt u? Intramurale (ZZP’s) of extramurale zorg (scheiding van wonen en zorg, met indicatie) of een combinatie van beide?
  • Wie is of wordt de eerstverantwoordelijke zorgpartij en pakt met kennis van zaken het werk met team en vrijwilligers aan? En is op zorggebied de eerst aansprakelijke voor cliënten/ bewoners, familie/verwanten, vrijwilligers en eventueel omgeving? Bijvoorbeeld blijkend uit curriculum, certificatie, bekendheid in het gebied, etc.
  • Hoe ziet de organisatie van het team van professionals er uit in relatie tot 24 uurs zorg, snelheid van optreden, (para-)medische bezetting, etc.?

Over (de relatie met) wonen:

  • Is er sprake van uitsluitend zorg of ook van wonen?
  • Als er uitsluitend sprake is van zorg, hoe zorgt de initiatiefnemer er voor dat er duidelijk sprake is van zorg en niet van wonen (bijvoorbeeld CIZ-indicatie?)
  • Is er sprake van verblijf of logies of een combinatie daarvan?

Over betaalbaarheid:

  • Wat is het beoogde prijsniveau? Huur vs. de prijs per maand-indicatie voor de zorgcomponent
  • Vallen alle indicaties en zorggebruik onder de WLZ, of is er ook sprake van Wmo-aanspraken (gelet op het woonplaatsbeginsels zijn de bewoners inwoners van Buren). Mogelijk nog andere relaties (mantelzorg, vrijwilligers, etc).

Over de omgeving:

  • Welke relatie wordt er gelegd met de omgeving?
  • Hoe kan uw initiatief van waarde zijn voor de omgeving? Welke waarde denkt u toe te voegen en voor wie, hoe geeft u daaraan invulling? Bijvoorbeeld: relatie met het (nabijgelegen) dorp, wat hebben dorpsbewoners eraan, wat merken zij ervan
  • Hoe denkt u de omgeving in een eventueel proces van realiseren te betrekken?