Restgroen

Wilt u een gemeentelijke groenstrook kopen en uw tuin uitbreiden? Of heeft u gemeentegrond in gebruik en is dit niet bekend bij de gemeente? Op deze pagina vindt u meer informatie over restgroen, het gebruik er van en alle informatie die hierbij hoort.

Restgroen is openbaar groen van ondergeschikte betekenis en heeft geen toegevoegde waarde meer voor het openbaar gebied. De gemeente toetst op basis van de opgestelde uitgiftecriteria of het mogelijk is om de betreffende grondstrook, grenzend aan uw huisperceel, als restgroen uit te geven.

Binnen de gemeente zijn er ook diverse situaties waarbij inwoners gebruik maken van gemeentegrond, maar dit niet geregistreerd is bij de gemeente. De strook gemeentegrond kan bijvoorbeeld bij de tuin zijn betrokken. Ook in die situaties wil de gemeente kijken of de grondstrook uitgegeven kan worden.

Uitgifte van restgroen vindt in principe plaats door middel van verkoop. Wanneer verkoop niet mogelijk is, wordt bekeken of verhuur mogelijk is.

Meer informatie

Wilt u weten of de gemeentelijke grondstrook grenzend aan uw huisperceel een strook restgroen is en wilt u deze grondstrook graag kopen? Vul dan het ‘Aanvraagformulier restgroen’ in. Let op, situatieschets meesturen!

Procedure

Als u uw interesse bij de gemeente kenbaar heeft gemaakt, worden de volgende stappen doorlopen:

  • Als het aanvraagformulier met de situatieschets bij de gemeente ontvangen is, ontvangt de aanvrager een ontvangstbevestiging.
  • De gemeente beoordeelt of de te koop gevraagde strook restgroen verkocht kan worden. De aanvraag wordt hierbij onder meer getoetst aan het groenbeheersplan, verkeerskundige en stedenbouwkundige aspecten. Zie ook ‘Uitgiftecriteria’.
  • De gemeente gaat met een KLIC-melding na of er kabels of leidingen in het perceel liggen. De kosten voor deze KLIC-melding worden bij u in rekening gebracht.
  • U wordt over het algemeen binnen 6 weken op de hoogte gebracht van het resultaat van de onderzoeken.

Bij verkoop:

  • Bij een verkoop wordt het aantal m², de vorm en ligging van de strook restgroen vastgelegd in een koopovereenkomst. Deze wordt in drievoud aan u toegezonden.
  • Na ondertekening van de koopovereenkomst stuurt u deze in drievoud terug naar de gemeente.
  • Na ondertekening door de gemeente ontvangt u één exemplaar retour voor uw eigen dossier.
  • De gemeente stuurt ook één exemplaar van de getekende overeenkomst naar de notaris van uw keuze. Zij vraagt de notaris om een afspraak met u te maken voor het passeren van de notariële akte. Afhankelijk van de oppervlakte en koopsom van de strook restgroen wordt gekozen om  “vooraf” of “achteraf” in te meten door het Kadaster. Dit betekent voor of na de passeerdatum bij de notaris. Zie ook ‘Kosten Koper’.

Bij verhuur:

  • Bij een verhuursituatie wordt het aantal m², de vorm en ligging van de strook restgroen vastgelegd in een huurovereenkomst. Deze wordt in tweevoud aan u toegezonden.
  • Na ondertekening van de huurovereenkomst stuurt u deze in tweevoud terug naar de gemeente.
  • Na ondertekening door de gemeente ontvangt u één exemplaar retour voor uw eigen dossier.

Op veel plekken in de gemeente Buren wordt gebruik gemaakt van gemeentegrond, zonder dat hierover afspraken zijn gemaakt. Vaak zijn inwoners zich helemaal niet bewust van deze situatie, omdat het bijvoorbeeld al zo was bij de aankoop van de woning. Ook bestaan er situaties waarbij de buren wel afspraken hebben gemaakt over het gebruik van de strook gemeentegrond en de andere buren niet. Dit leidt tot ongelijkheid tussen bewoners. De gemeente Buren wil graag de rechtsongelijkheid en onduidelijkheid oplossen. Met het project ‘Restgroen’ willen we het gebruik van gemeentelijke grondstroken actualiseren.

Aanpak

  • Per kern wordt geïnventariseerd welke inwoners vermoedelijk gemeentegrond voor privédoeleinden gebruiken, waarvan het gebruik niet is geregistreerd. Vervolgens wordt gekeken of deze grondstroken voor verkoop of verhuur in aanmerking komen. De betreffende inwoners ontvangen vervolgens een eerste constateringsbrief. In deze brief staat aangegeven wat er aan gemeentegrond in gebruik is en hoe het gebruik kan worden voortgezet. Het is vervolgens aan de inwoners of zij gebruik wensen te maken van het aanbod van de gemeente.
  • Daarnaast wordt ook gekeken welke grondstroken niet in gebruik zijn genomen door inwoners, maar wel voor verkoop in aanmerking komen. Deze grondstroken zullen aan de aangrenzende huiseigenaren ter verkoop worden aangeboden.

Planning

De volgende kernen zijn al (gedeeltelijk) geactualiseerd: Beusichem, Zoelmond, Ravenswaaij en Maurik. De eerst volgende kern die geactualiseerd wordt is Lienden.

Lienden
Vanaf oktober 2019 zal de kern Lienden geactualiseerd worden. Nadere procesinformatie volgt.

Lingemeer
In 2020 wordt het gebruik van gemeentegrond in Lingemeer projectmatig geactualiseerd. Verdere procesinformatie volgt.

Wel wordt, in verband met de aanleg van glasvezel, aan de bewoners van Lingemeer de mogelijkheid geboden om de grondstrook voor de huispercelen te huren, ongeacht of zij deze grondstrook nu al gebruiken. De reden waarom deze grondstroken alleen in huur worden uitgegeven, is omdat het openbaar gebied in Lingemeer beperkt is. De gemeente wil deze grond daarom in eigendom behouden.

Heeft u interesse in het huren van een grondstrook? Maak dan uw interesse kenbaar via het Interesseformulier grond huren Lingemeer. Wij nemen na ontvangst van uw interesseformulier contact met u op.

 

Als u een aanvraag bij de gemeente indient, zal deze aanvraag worden getoetst door verschillende disciplines binnen de gemeente. Een strook restgroen kan verkocht worden als wordt voldaan aan de volgende uitgiftecriteria:

  • Levert geen wezenlijke bijdrage aan de hoofdgroenstructuur.
  • Grenst direct aan het perceel van de aanvrager.
  • Kan in het geheel worden uitgegeven. Als een grondstrook grenst aan percelen van verschillende eigenaren, moet tussen de verschillende eigenaren overeenstemming worden bereikt over de verdeling van de grondstrook.
  • Er staan geen monumentale of beeldbepalende bomen.
  • Is geen belemmering voor de sociale- en/of verkeersveiligheid.
  • Is geen belemmering voor (toekomstige) civieltechnische werken zoals bijvoorbeeld wegen en watergangen.
  • Is geen belemmering voor mogelijk toekomstige (woningbouw)ontwikkelingen.
  • Is geen belemmering voor het beheer, onderhoud en de bereikbaarheid van het overblijvende groen.
  • Leidt niet tot een technische belemmeringen voor nutsbedrijven die kabels en leidingen in de grond hebben liggen. Deze kabels en leidingen van de nutsbedrijven moeten altijd bereikbaar blijven. Zie ook bij ‘Kabels en leidingen’.

Een strook restgroen mag niet voor alles gebruikt worden. Er zijn een aantal voorwaarden gesteld. Deze voorwaar­den zijn onder andere:

  1. Alleen te gebruiken voor het uitbreiden van de tuin.
  2. In principe niet te bebouwen met vergunningsplichtige bouwwerken. Wilt u wel bouwen? Dan kunt u dit op aanvraagformulier aangeven.
  3. Niet te gebruiken als parkeerplaats of stalling voor voertuigen zoals aanhangwagens en caravans.
  4. Voor aanwezige kabels en leidingen wordt een zakelijk recht van opstal gevestigd. Zie ook bij ‘Kabels en leidingen’.

De grondprijs voor restgroen wordt jaarlijks door de gemeente vastgesteld in de Grondprijzenbrief van de gemeente Buren. U kunt de Grondprijzenbrief ook lezen op de website van de gemeente. Voor 2019 rekent de gemeente met een grondprijs van € 80,- per m². Bij verhuur van grond geldt een huurprijs van € 1,60 per m², met een minimum huurprijs van € 80,- per jaar. Jaarlijks zal de huursom per 1 januari van het opvolgende huurjaar geïndexeerd worden conform Consumenten Prijs Index (CPI). Van deze grondprijzen kan worden afgeweken als de ligging, oppervlakte of gebruiksmogelijkheden daartoe aanleiding geven.

Het is mogelijk dat er in de grondstrook kabels en/of leidingen liggen. De gemeente doet altijd een KLIC-melding bij het kadaster om te kijken of en zo ja welke kabels en/of leidingen er in de betreffende grondstrook liggen. Deze KLIC-melding is onderdeel van de aanvraag voor uitgifte van een strook restgroen. Voor een melding brengt het Kadaster kosten in rekening. Deze kosten brengen wij weer bij u in rekening. Op dit moment zijn de kosten van een KLIC-melding € 16,50 (prijspeil 1 januari 2019).

Bij verkoop:

Als de KLIC-melding uitwijst dat er kabels en leidingen in de grondstrook liggen, neemt de gemeente contact op met het nutsbedrijf. Het betreffende nutsbedrijf moet akkoord geven voor uitgifte. Daarbij stellen zij de voorwaarde dat er een zakelijk recht van opstal moet worden gevestigd. Dit is een recht om in, op of boven de te verkopen grondstrook kabels of leidingen in eigendom te hebben. Dit recht van opstal wordt door middel van een notariële akte ingeschreven in het kadaster. De kosten hiervan zijn voor rekening van de koper.

Veelal wordt het zakelijk recht van opstal gevestigd op een grondstrook van circa 0,5 – 1 meter aan weerszijde van de betreffende kabel of leiding. Op deze grondstrook mag de grondeigenaar niet bouwen. Wel moet de grondeigenaar bij onderhoudswerkzaamheden aan de kabels en/of leidingen toegang verlenen aan de medewerker(s) van het nutsbedrijf. In de praktijk komt dit weinig voor. In de algemene voorwaarden van het nutsbedrijf, die van toepassing zijn wanneer een recht van opstal is gevestigd, staat vermeld hoe één en ander wordt geregeld wanneer er onderhoudswerkzaamheden plaatsvinden. Daarnaast kan het ook zijn dat (een) kabel(s) en/of leiding(en) moet worden verlegd. Deze kosten zijn voor rekening van de koper. Als dat het geval is zullen wij eerst met u contact opnemen over de kosten van de verlegging en of u het perceel nog wilt kopen.

Bij verhuur:

Als de KLIC-melding uitwijst dat er kabels en/of leidingen in de grondstrook liggen, zal dit opgenomen worden in de huurovereenkomst middels een gedoogverplichting. De grondstrook mag niet (vergunningsvrij) bebouwd worden. Ook moet bij onderhoudswerkzaamheden aan de kabels en/of leidingen toegang verleend worden aan de medewerker(s) van het nutsbedrijf. In de praktijk komt dit weinig voor. Wanneer door het nutsbedrijf onderhoudswerkzaamheden worden gedaan aan de kabels en/of leidingen, dan staat in de algemene voorwaarden van het nutsbedrijf hoe een en ander wordt geregeld.

Als het perceel kan worden verkocht, brengt dit kosten met zich mee. Deze kosten bestaan onder andere uit notariskosten, kadasterkosten, overdrachtsbelasting en omzetbelasting. U mag als koper zelf een notaris aanwijzen. De kosten voor een notaris zijn minimaal circa € 350,- (exclusief BTW). Over de koopsom betaalt u op dit moment 2% overdrachtsbelasting (over de totale waarde van de grond). Voor de exacte tarieven van de notaris verwijzen wij u naar een notariskantoor.

Kadasterkosten

Ook worden er kadasterkosten gemaakt. Het Kadaster verzamelt gegevens van registergoederen in Nederland, houdt deze bij in openbare registers en op kadastrale kaarten. Tegen een vergoeding zijn deze gegevens beschikbaar voor particulieren, bedrijven en andere belanghebbenden. De overdracht van een strook restgroen zal in de administratie van het Kadaster worden opgenomen nadat het stuk grond door het Kadaster is ingemeten. Aan deze inmeting en inschrijving zijn kosten verbonden. De meest voorkomende opties staan hieronder vermeld (tarief 2019):

– Voor de verkoop vorming voorlopige grens en na verkoop aanwijs definitieve grens (na passeren leveringsakte):

Kleiner dan 100 m2 en niet duurder dan € 5.000,-:           € 137,50 + € 95,- + € 55,- =       € 287,50

Vanaf 100 m² en duurder dan € 5.000,-:                        € 137,50 + € 95,- + € 630,- =     € 917,50

– Vooraf splitsen/inmeten per nieuw gevormd perceel:

Vanaf 100 m² en duurder dan € 5.000,-:                         € 137,50 + € 420,- =                  € 557,50

De tarieven van het Kadaster verschillen. De gemeente overlegt met u wat in uw situatie het beste en / of goedkoopst is. Omdat het gemeentegrond betreft is de gemeente gemachtigd om de grenzen aan het Kadaster aan te wijzen. De tarieven van het Kadaster zijn digitaal raadpleegbaar (www.kadaster.nl). Ook kunt u telefonisch contact opnemen met het Klant Contact Center van het Kadaster 088 – 183 22 00 (lokaal tarief).

Toetsingsgronden

Bij de toetsing van verjaringsverzoeken baseert de gemeente Buren zich op de landelijke wetgeving en jurisprudentie:

  1. Het eigendom is in Nederland heel goed beschermd. Van verjaring is niet snel sprake. Dit geldt in het bijzonder voor gemeentegrond. Een beroep op verjaring dient dan ook aan strikte vereisten te voldoen;
  2. De bewijslast voor een beroep op verjaring ligt bij degene die zich op verjaring beroept;
  3. Is er sprake van verjaring, dan werkt de gemeente in beginsel mee aan de erkenning van deze verjaring.
  4. Het in bezit nemen en houden van gemeentegrond, wetende dat deze grond eigendom is van de gemeente, is onrechtmatig en kan leiden tot een vordering uit schadevergoeding. 
  5. Bij eventuele toewijzing van het beroep op verjaring draagt de verkrijger de kosten van inschrijving van verjaring in de openbare registers. De gemeente vergoedt niet de eventueel gemaakte kosten die met een beroep op verjaring samenhangen.

 Verjaringsvormen

Er zijn twee vormen van verjaring: verkrijgende verjaring en bevrijdende verjaring. Bij verkrijgende verjaring geldt een verjaringstermijn van 10 jaar en zal sprake moeten zijn van handelen te goeder trouw. Bij bevrijdende verjaring geldt een verjaringstermijn van 20 jaar, waarbij handelen te goeder trouw geen vereiste is. Bij beide vormen van verjaring zal wel sprake moeten zijn van bezit. Belangrijk om te weten is dat degene die zich op verjaring beroept dient aan te tonen dat er sprake is van verjaring.

 Regels bij verjaring

  • De verjaringstermijn gaat lopen als de bewoner bezitsdaden heeft verricht ten opzichte van de grond, bijvoorbeeld door het in gebruik te nemen als tuin door het plaatsen van een hek.
  • Neemt men te goeder trouw grond in gebruik, dan verjaart het recht om dit perceel grond terug te eisen na 10 jaar.
  • Neemt men te kwader trouw grond in gebruik, dan verjaart het recht om dit perceel grond terug te eisen na 20 jaar.
  • Als een terugvorderingsrecht verjaard is, is de gemeente geen eigenaar meer van de grond en kan deze de grond niet verkopen of verhuren.
  • In geval van verjaring zal ervoor gekozen worden om een akte van verjaring op te laten stellen bij de notaris. Hierdoor komt het verjaarde perceel kadastraal op naam te staan van de verkrijgende partij. De kosten voor het opstellen van een dergelijke akte komen voor rekening van de verkrijgende partij.
  • Indien de verkrijgende partij niet akkoord gaat met het betalen van de kosten voor het opstellen van een akte van verjaring, dan blijft de grond op naam van de gemeente staan.
  • Bij verjaring van het terugvorderingsrecht van percelen grond, gelegen bij huurwoningen, geldt dat huurders nooit grond in eigendom kunnen verkrijgen door middel van verjaring; dit kan wel door de grondeigenaar. Hier gelden dezelfde verjaringstermijnen als bij koopwoningen (10 jaar te goeder trouw en 20 jaar te kwader trouw). De verjaring wordt niet onderbroken indien tussentijds een wisseling van huurders plaatsvindt.

Bewijs van verjaring

Er is pas sprake van verjaring als is aangetoond dat sprake is van bezit. Degene die zich beroept op verjaring, dient dit ook aan te tonen. Daarvoor kunnen foto’s, video’s of ander beeldmateriaal gebruikt worden. Getuigenverklaringen kunnen alleen ter ondersteuning van het beeldmateriaal beschouwd worden en worden dus niet gezien als opzichzelfstaand bewijs. Uit het aangeleverde bewijsmateriaal moet overtuigend worden aangetoond dat sprake is van bezit en dat de termijn van 10 of 20 jaar verstreken is. Het eigendom is een absoluut recht, het kan worden gehandhaafd tegen iedereen, dus verjaring wordt niet zomaar aangenomen. Als kan worden aangetoond dat sprake is van verjaring, dan werkt de gemeente ook mee aan de akte van verjaring.

Stuiting van verjaring

Bij stuiting wordt voorkomen dat een verjaringstermijn wordt voltooid en het eigendom van de grond verloren gaat. De wet verbindt echter strikte eisen aan stuitingshandelingen. Bezit van de niet-eigenaar eindigt wanneer dit bezit terug komt bij de eigenaar. Dit kan gebeuren doordat de bezitter bijvoorbeeld het hek en het bord weghaalt, zodat de eigenaar weer onbelemmerd gebruik kan maken van zijn eigendom. Deze natuurlijke stuiting is opgenomen in artikel 3:117 van het Burgerlijk Wetboek. Andere stuitingshandelingen komen minder vaak voor en worden niet nader beschreven.

 Schadevergoeding bij verjaring

Begin 2017 – wat op 30 juli 2019 opnieuw door het Gerechtshof Amsterdam is bevestigd – is nieuwe jurisprudentie verschenen over verjaring van groen- en reststroken. De Hoge Raad heeft beslist dat het in bezit nemen van andermans grond (gemeentegrond), met eigendomsverlies door verjaring als gevolg, onrechtmatig is tegenover de oorspronkelijke eigenaar (gemeente). Dit onrechtmatig handelen levert voldoende grond op voor een vordering tot schadevergoeding door de oorspronkelijke eigenaar. De oorspronkelijke eigenaar leidt schade die in verband staat met het verlies van het grondeigendom als gevolg van verjaring. Hierdoor moet er een schadevergoeding betaald worden door de verkrijger aan de oorspronkelijke eigenaar. De schadevergoeding hoeft niet altijd te bestaan uit een financiële vergoeding (ter hoogte van de grondwaarde), maar kan ook bestaan uit een vergoeding in natura bijvoorbeeld door het (terug)leveren van de grond.

De oorspronkelijke eigenaar (gemeente) moet het verzoek tot het betalen van schadevergoeding uiterlijk indienen, maximaal twintig jaar na de gebeurtenis waardoor de schade is ontstaan. De schade ontstaat hierbij niet zodra de grond in bezit is genomen, maar zodra het eigendom verloren gaat door de verjaring (dus na twintig jaar bezit).

Wanneer vaststaat dat er sprake is van verjaring, zal de gemeente een voorbehoud tot schadevergoeding maken. De gemeente kan zodoende een schadevergoeding eisen waardoor het voor de verzoekers toch verstandiger kan zijn om de groen- of reststrook te kopen. De gemeente zal de schadevergoeding claimen bij de verkrijger, tenzij het college van B&W van mening is om hiervan af te wijken. In overleg met de betrokken afdeling zal de processtrategie bepaald worden en of een rechtsgang gemaakt zal worden om schadevergoeding te claimen bij degene die de grond in bezit heeft genomen.